Als het schoolbestuur een gegrondverklaring van het beroep naast zich neerlegt, dan heeft de onderwijswerknemer de mogelijkheid om binnen een termijn van 6 maanden na de ontslagdatum een aparte gerechtelijke procedure bij het kantongerecht te starten: de kennelijk-onredelijk-ontslag-procedure (KOO-procedure).

In de inleidende dagvaarding wordt dan uitgelegd dat de werknemer op onterechte gronden of redenen is ontslagen en dat de kantonrechter de arbeidsovereenkomst moet herstellen.

Als de kantonrechter geen juridische aanknopingspunten ziet om de arbeidsovereenkomst te herstellen, dan moet het schoolbestuur een schadeloosstelling aan de ontslagen werknemer betalen.

De kantonrechter beoordeelt de zaak in volle omvang en betrekt ook  alle bijzondere omstandigheden (inclusief de opvattingen van de Commissie van Beroep).